De plenaire vergadering van het Brussels Parlement heeft vandaag het ‘agent of change’-principe goedgekeurd. Dat is een wijziging in het Wetboek van Ruimtelijke Ordening en in de Brusselse Huisvestingscode die vooral het nachtleven ten goede moet komen. Wie naast een bestaande nachtclub of concertzaal komt wonen, zal voortaan zelf maatregelen moeten nemen tegen geluidshinder. “Dit is een noodzakelijke stap in de bescherming van het Brusselse nachtleven”, zegt Pascal Smet, fractieleider voor Vooruit.brussels, die het voorstel indiende samen met Anne-Charlotte d’Ursel (MR). Ook de partijen PS, Les Engagés, Anders en cd&v ondertekenden het voorstel.
Het Brusselse nachtleven staat al lange tijd onder druk, met recent enkele bekende nachtclubs zoals Spirito en La Cabane die de deuren moesten sluiten. Nachtclubeigenaars trokken eerder al aan de alarmbel omdat ze vrezen dat de Brusselse clubscene grotendeels dreigt te verdwijnen als er niet snel maatregelen worden getroffen.
Om daar een antwoord aan te bieden, diende Pascal Smet (Vooruit.brussels), samen met Anne-Charlotte d’Ursel (MR), een voorstel tot ordonnantie in. Dat werd vandaag goedgekeurd door de plenaire vergadering van het Brussels Parlement, nadat eerder de Commissie Territoriale Ontwikkeling het licht al op groen had gezet.
Bedoeling was om het ‘agent of change’-principe in te schrijven in het Wetboek van Ruimtelijke Ordening en in de Brusselse Huisvestingscode.
“Het principe is simpel”, zegt Pascal Smet (Vooruit.brussels) daarover, “Wie de verandering veroorzaakt, neemt de verantwoordelijkheid. Kom je naast een reeds bestaande club wonen, dan moet jij maatregelen nemen tegen geluidshinder. Maar hetzelfde geldt in omgekeerde richting: een nieuwe nachtclub moet haar buren respecteren en zorgen dat zij geen hinder ondervinden van hun activiteiten. Dat is de logica zelve en een kwestie van goed bestuur. Zo houden we de stad leefbaar voor iedereen.”
Fuse
“Verhalen zoals dat van Fuse, waarbij een persoon die naast een reeds bestaande nachtclub komt wonen, er vervolgens voor kan zorgen dat die moet sluiten door geluidsoverlast, zullen in de toekomst dus niet meer kunnen”, gaat Smet verder. “Het Brusselse nachtleven bezorgt onze stad nationale en internationale uitstraling en het maakt deel uit van ons DNA. Dit is een belangrijke stap in de bescherming ervan.”
Smet benadrukt wel dat deze maatregel alleen niet zal volstaan en dat er nog actie ondernomen zal moeten worden in de toekomst, “maar dit is een noodzakelijke stap.”
Vooruitstrevend
Het voorstel richt zich specifiek op ‘clubbing’. Tijdelijke inrichtingen of evenementen buiten, zoals bijvoorbeeld de Zuidfoor, vallen niet onder de noemer. Daarnaast is er ook een stedenbouwkundig aspect: zo bepaalt het voorstel ook dat wie een nieuwbouw bouwt of een pand grondig renoveert, om er een woning in te maken of een hotel, binnen een perimeter van 20 meter rond een bestaande nachtclub, verwittigd wordt dat er op de plek in kwestie mogelijk geluidshinder kan zijn.
“Het zogenaamde ‘agent of change’-principe, zoals dat bijvoorbeeld ook al in Londen bestaat, is echt wel vooruitstrevend. De laatste die zich vestigt is degene die de verantwoordelijkheid draagt: dat helpt een evenwicht te vinden tussen de levenskwaliteit van omwonenden en de bescherming van het nachtleven en clubs, die bijdragen aan de uitstraling van Brussel”, zegt Anne-Charlotte d’Ursel (MR), eerste medeondertekenaar van het voorstel.
Noodzakelijke maatregel
Ook de andere partijen die het voorstel gesteund hebben, tonen zich tevreden.
“Met deze maatregel kiezen we voor een stad die verder blijft evolueren, zonder in te boeten aan wat haar levendig maakt. In Brussel vormt het nachtleven een belangrijk onderdeel van cultuur, ontmoeting en creativiteit, en draagt het volop bij aan onze stedelijke identiteit. Deze tekst wil een evenwichtige co-existentie tussen de verschillende functies van de stad mogelijk maken, terwijl culturele spelers, kunstenaars en lokale initiatieven de kans blijven krijgen om Brussel in al zijn diversiteit te laten bruisen”, zegt Isabelle Emmery (PS).
“Vandaag is het vaak zo dat wanneer een nieuw vastgoedproject wordt ontwikkeld in de nabijheid van een culturele instelling die er al tientallen jaren gevestigd is, net die bestaande instelling de gevolgen draagt. Zij moet investeren in geluidsisolatie, haar openingsuren beperken en ziet zich al te vaak uiteindelijk genoodzaakt de deuren te sluiten. ‘Agent of change’ keert die logica om: wie een bestaande situatie verandert, moet al bij het ontwerp van zijn project de nodige maatregelen voorzien om toekomstige bewoners of gebruikers te beschermen”, zegt Alain Deneef (Les Engagés).
“Een stad is ook haar cultuur, haar energie, haar nacht. Mensen komen naar Brussel precies omdat het een stad is die bruist. Deze ordonnantie kiest voor die stad. Ze legt de verantwoordelijkheid eerlijk neer. Ze geeft clubs zekerheid. Ze geeft bewoners transparantie. En ze doet dat met een precisie die misbruik uitsluit”, zegt Imane Belguenani (Anders).
Benjamin Dalle (cd&v) besluit dat wonen en ontspanning in Brussel hand in hand moeten gaan: “Brussel moet een stad blijven waar mensen goed kunnen wonen én waar cultuur en nachtleven kunnen blijven bestaan. Met het Agent of Change-principe creëren we een eerlijk evenwicht: wie nieuwe projecten ontwikkelt naast bestaande clubs of cultuurplekken, moet ook mee verantwoordelijkheid nemen om toekomstige bewoners tegen geluidshinder te beschermen.”
